Deelsessies

Hieronder treft u het deelsessie-aanbod voor het 4e Congres (Psycho)Trauma. Voor tweede rondes ontvangen wij van u bij inschrijving graag een eerste voorkeur en reserve keuze. Op basis van inschrijvingen maken wij een ronde-indeling. Heeft u vragen of opmerkingen over het congres? Neemt u dan gerust contact met ons op via het feedback formulier.


1. Inleiding op psychotrauma: Klachten, typen en behandelmogelijkheden
Jackie June ter Heide, klinisch psycholoog en senior onderzoeker, Stichting Centrum ’45, landelijk behandel- en expertisecentrum voor complex psychotrauma.
In deze inleidende deelsessie maakt u kennis met de basis van diagnostiek en behandeling van psychotrauma bij volwassenen. Welke symptomen horen bij PTSS en complexe PTSS? Hoe kunt u deze symptomen herkennen in de praktijk? Welke evidence-based behandelmogelijkheden zijn er voor mensen met psychotrauma klachten? In de deelsessie wordt gebruik gemaakt van videomateriaal en casuïstiek is van harte welkom.

2. Welbevinden therapie bij PTSS
Drs. Laura K. Hüning, Klinisch psycholoog en Manager Behandelzaken Curatieve zorg, Mediant.
Psychische gezondheid is meer dan alleen de afwezigheid van klachten. Alleen klachtgerichte behandelingen hebben daardoor mogelijk soms een te beperkt resultaat, waardoor het waardevol kan zijn om de aandacht mede te richten op aspecten van de positieve psychologie en het welbevinden van cliënten. Een mogelijkheid hiervoor biedt Welbevinden Therapie (WBT). In samenwerking met de Universiteit Twente is er een WBT protocol geschreven te gebruiken bij cliënten die leden aan een PTSS. In dit protocol komen aspecten van positieve emoties, zelfcompassie en post traumatische groei aanbod. In de deelsessie zal ingegaan worden op het protocol, de inhoud, maar ook de uitkomsten van het onderzoek naar WBT bij PTSS. Er worden aanbevelingen gegeven voor de praktijk.

3.Trauma en zelfbeschadiging; hoe snijdt u het onderwerp aan? 
Dwayne Meijnckens, bureaucoördinator, Stichting Zelfbeschadiging.
Marloes Oostindie, communicatie, Stichting Zelfbeschadiging.

Zelfbeschadiging is een lastig te begrijpen fenomeen, waar een behoorlijk stigma op rust. Niet alleen in de maatschappij, maar ook onder hulpverleners. Zelfbeschadiging is voor veel mensen ingewikkeld en heeft een negatieve lading, waardoor reacties als ‘Word ik gemanipuleerd?’ of ‘Doet hij/zij het voor de aandacht?’ snel de kop op steken. De oorzaak van dit beeld: veel mensen, ook hulpverleners, weten vaak niet goed hoe ze op zelfbeschadiging moeten reageren en waar het vandaan komt. Toch krijgen veel hulpverleners te maken met zelfbeschadiging bij hun cliënten, onder andere als er sprake is van trauma. Tijdens deze sessie willen we daar graag op ingaan: Wat is zelfbeschadiging? Hoe werkt het? Hoe maakt u zelfbeschadiging bespreekbaar? Op welke momenten kunt u contact maken en waar liggen kansen om een alternatief voor zelfbeschadiging in te zetten? We wisselen graag met u uit tijdens deze deelsessie, waar ruimte is voor vragen en inbreng.

4. Slapende Honden? Wakker maken! Een behandelmethodiek voor chronisch getraumatiseerde kinderen
Caroline Dierkx, GZ-psycholoog/Slapende Honden trainer bij ICTC (Institute for Chronically Traumatized Children) en GZ-psycholoog/EMDR-therapeut bij Psychotraumacentrum Sterk Huis.
Judith de Vroomen, GZ-psycholoog bij Herlaarhof; instelling voor kinder- en jeugdpsychiatrie
Er zijn getraumatiseerde kinderen bij wie de behandeling van hun trauma’s lastig is. Deze kinderen willen niet over hun herinneringen praten, hebben geheugenverlies van hun herinneringen of het kind en/of de verzorgers en/of de verwijzer schatten in dat het kind mogelijk ontregeld raakt als er over die herinneringen wordt gesproken. Men is bang om erover te beginnen en het kind overstuur te maken: we willen geen ‘slapende honden wakker maken’. De methode ‘Slapende Honden’ helpt deze kinderen en hun netwerk om er toch over te gaan praten en hun trauma’s te gaan verwerken. 

5. Innovatieve behandelmogelijkheden van complexe PTSS in de residentiële zorg voor (LVB)jeugd
Dr. Karin Nijhof, senior wetenschappelijk onderzoeker, Pluryn/Radboud Universiteit Nijmegen
Drs. Paul Prins, hoofd behandeling, Pluryn.

Veel jongeren in residentiële zorg hebben te maken gehad met ingrijpende gebeurtenissen. Hierdoor kunnen zij complexe PTSS ontwikkelen. Evidence-based traumabehandeling wordt echter in de residentiële jeugdzorg niet consistent ingezet of uitgesteld. In deze deelsessie nemen we u mee in innovatieve interventies die binnen Pluryn/Intermetzo worden ingezet voor traumabehandeling. Ook gaan we in op de noodzaak van het al dan stabiliseren binnen deze complexe doelgroep aan de hand van casuïstiek. Op een interactieve manier hopen we met elkaar in gesprek te gaan over wat deze doelgroep nodig heeft, en kunt u een relaxatie videogame interventie uitproberen die momenteel wordt onderzocht bij getraumatiseerde jongeren in residentiële zorg.

6. Kijken door een traumabril: moeten we preverbaal trauma serieus nemen? Zo ja: waarom en hoe?
Marijke Feijtel, psychotherapeut, supervisor NVP,VKJP en VEN (EMDR) eigenaar Praktijk Psychotherapie en Traumaherstel. Tevens werkzaam bij de GGZWNB sector jeugd.
Jacqueline Jansen, Gz-psycholoog en psychotherapeut i.o., werkzaam bij GGZWNB sector jeugd.

Klachten bij kinderen en jongeren die voortkomen uit traumatische gebeurtenissen worden steeds vaker onderkend en met succes behandeld. De verbinding tussen de psychotherapeutische en de biologische kaders (genetica en epigenetica ) geven meer zicht op de impact van beschadigende ervaringen.
Veel kinderen in de jeugdhulpverlening en GGZ, maar ook volwassenen laten problemen zien die samenhangen met beschadigende ervaringen in de vroege kinderjaren. Toch wordt vaak geen, of pas laat, traumabehandeling ingezet, met nadelige gevolgen en verkeerde diagnoses. 
Sommige kinderen maken in de eerste levensjaren al traumatische gebeurtenissen mee, zoals intrusieve medische handelingen, misbruik en andere vormen van mishandeling enz. Ook tijdens de zwangerschap, of tijdens de geboorte kan er van alles misgaan. Diverse onderzoeken tonen inmiddels aan dat ook prenatale stress de ontwikkeling beïnvloedt.
Herinneringen aan deze gebeurtenissen zijn preverbaal en niet op bewust niveau toegankelijk. Door hun beperkte cognitieve ontwikkeling is verbale communicatie over ingrijpende gebeurtenissen niet of beperkt mogelijk. Daardoor wordt preverbaal trauma vaak over het hoofd gezien. Positieve hechting is een beschermende factor en bevordert het regulerings- en verwerkingsvermogen. Hierbij is aandacht voor ev. ( secundaire) traumatisering van ouders zeker van belang.
In deze deelsessie leren hulpverleners meer zicht te krijgen op de samenhang tussen klachten en beschadigende ervaringen, hoe ver terug het zoekproces soms kan lopen, en dat er sprake kan zijn van intergenerationele overdracht. Onverwerkte beschadigende ervaringen kunnen veelal met psychotherapie, EMDR en ev. de Lovett methode en systeemtherapie behandeld worden. Ook interessant voor beleidsmakers om meer zicht te krijgen op het hulpverleningsproces.

7. Psychosociale ondersteuning van (mogelijk) getraumatiseerde vluchtelingenkinderen op school 
Maartje Bakker MSc. Orthopedagoog- basis NVO., Schoolpsycholoog, Kinder- en Jeugdpsycholoog NIP. Consulent Passend Onderwijs, SWV Utrecht PO. 
Onderwijs bieden aan vluchtelingenkinderen kan een behoorlijke opgave zijn voor een school. Een vluchtelingenkind spreekt en begrijpt vaak nog onvoldoende de Nederlandse taal, kan getraumatiseerd zijn en/ of heeft soms lang geen onderwijs gevolgd. Hoe ondersteunt u vluchtelingenkinderen op school? Hoe herkent u of er sprake is van trauma? Welke rol kan een school spelen bij het voorkomen van langdurige traumatisering? Wanneer is het zinvol om de leerling door te verwijzen?

8. Psychotrauma: opvang na een schokkende gebeurtenis
Drs. Ruth Willems, psycholoog, mediator, auteur, trainer, Hulp op IJburg.
Schokkende gebeurtenissen op de werkvloer zoals gewelddadig gedrag van een patiënt, het meemaken van een suïcide of ongeluk, leiden bij de betrokken medewerker(s) vaak tot gevoelens van onveiligheid. Het kan hun vertrouwen in hun eigen professionaliteit, in zichzelf en in de organisatie schaden. Goede opvang na zulke gebeurtenissen is belangrijk. Mensen die zich gehoord en gesteund voelen na zoiets ingrijpends, functioneren beter dan mensen die boosheid en wrok ervaren omdat zij zich niet serieus genomen voelen. Goede opvang kan de verwerking bevorderen en als signaleringsfunctie dienen, mochten er verwerkingsproblemen ontstaan.
In deze workshop bespreekt Ruth Willems hoe zorgvuldige opvang van professionals eruit ziet en welke nieuwe eisen er aan een gecertificeerde opvanger worden gesteld. De do’s en don’ts worden met de laatste wetenschappelijke inzichten gemotiveerd. Praktijkvoorbeelden maken duidelijk hoe de sociale omgeving en de persoon kunnen interacteren bij het verwerken van een schokkende gebeurtenis.   
Deze workshop is met name interessant voor leidinggevenden, collega’s die in de praktijk andere collega’s opvangen, of professionals die het certificaat nuldelijns ondersteuner willen gaan behalen.